donderdag 2 mei 2024

(2535 woorden) NOEMT U MIJ *2016


Ik ben A. Noemt u mij Amber. Ik ben er om u te dienen.
Van ver haal ik mijn verhaal, dat ik u aanbied – niet om u uw ontberingen te besparen, maar om u, indien u uw lot erin mocht herkennen, te troosten.
En waarom zou u uw lot niet herkennen? Werden wij niet allen geboren? En wacht ons, aan het einde van onze eenzame weg, niet allen de dood?


Ik ben B. Noemt u mij Brokaat. Ik ben er om u te vertroetelen.
Uw huid de tintelingen te bezorgen, waardoor u zich uw vroegste droom herinnert. De maagd in u kraait van plezier – een geluid als een gebed, dat resoneert tot in de onbepaalde ruimtes van het heelal: 'Alheel Alheel Alheel – Gisteren Vandaag Morgen'.


Ik ben C. Noemt u mij Cacoa. Ik ben er om u te beschermen.
De bergen te beklimmen bij het licht van de maan en de sterren, terwijl u van uw rust geniet. De rozenstruiken op te binden langs de kale stammen van de knotwilgen, terwijl u van uw rust geniet. De scherven te verzamelen en de bruine barstranden te polijsten terug tot hun oorspronkelijke tinten, terwijl u van uw rust geniet.


Ik ben D. Noemt u mij Doolhof. Ik ben er om u te vermaken.
Waar u voor komt zult u vinden, daar kunt u van op aan. Hier op deze plek, waarop u zich bevindt, waar oost en west en noord en zuid elkaar ontmoeten. Nu in dit moment, waarin u zich bevindt, waarin u alle tijd krijgt die u nodig hebt, om zonder schroom stamelend stotterend kwetterend schetterend, de uitgang die u past te vinden. En dit natuurlijk met hetzelfde gemak, waarmee u de ingang die u past vond.


Ik ben E. Noemt u mij Evenaar. Ik ben er om van rood blauw te maken en van blauw groen.
Wederkerige sympathieën doen cirkels in bollen veranderen. Braakliggende terreinen worden omgekeerd. Het is tien uur in de ochtend wanneer de avondklok klinkt. De verdelgers zetten hun bedieningspanelen in de sluimerstand – enigszins beteuterd, maar in het volste vertrouwen dat ze alles onder controle hebben.
Getuige de latere gebeurtenissen zult u het met mij eens zijn, dat dit vertrouwen weinig empirische basis had.


Ik ben F. Noemt u mij Fataal. Ik ben er om u te verrassen.
Mijn plan is om vanaf een hoge positie foto's te nemen. De preciese hoogte van mijn positie wordt bepaald door twee factoren: de eerste is dat ik niet dol ben op de telelens en de tweede is dat ik wil dat de details op mijn foto's duidelijk zichtbaar zijn, zodat indien uitsnedes vergroot worden deze als zelfstandige beelden haarscherp hun zeggingskracht behouden.
Ik werk met een digitale camera. De sluitertijd die ik gebruik is één tweeduizendste seconde. Per seconde staat de sluiter de helft van de tijd open en is de helft van de tijd gesloten. Op deze manier worden er per seconde duizend opnamen in mijn geheugenkaart opgeslagen en de capaciteit van deze kaart is ruim toereikend voor de 24-uurssessie die mij voor ogen staat.
60 keer 60 keer 24 wordt 1 miljoen 44 duizend foto's. Per foto 5 minuten bekijken en op internet posten wordt 7 miljoen 200 duizend minuten – gedeeld door 60 wordt 20 duizend uren. Werkdagen van 8 uur is 20 duizend gedeeld door 8 wordt 15 duizend dagen – gedeeld door 365 wordt 41 jaren plus een paar dagen. Met schrikkeljaren verdisconteerd heb ik voor de komende 41 jaren minus een paar dagen mijn carrière zeker gesteld.



Ik ben G. Noemt u mij Grot. Ik ben er om u te begroeten.
Als u mij tegenkomt in de regen herkent u mij aan het geluid van mijn voetstappen, dat u hoort als het blaffen van uw lievelingshond. Ik loop een eindje met u op, en u kunt ervan op aan dat ik zal zwijgen.
Kom ik u tegen in de regen dan herken ik u aan uw gewicht, dat exact het driehonderdvoudige bedraagt van het gewicht van de steen die ik in mijn linkerbroekzak met mij meedraag. Ik loop een eindje met u op, en ik vertrouw erop dat u zult zwijgen.


Ik ben H. Noemt u mij Heelal. Ik ben er om met u te zingen.
Mijn stem klinkt als die van u, wanneer u verzucht 'Ah, dit is lekker'. En als u de impuls niet weerstaat mij bij te vallen en wij samen dat duet zingen 'Ah, dit is lekker' zal geen oor mijn stem van de uwe kunnen onderscheiden, zal geen machine ons niet registreren als zijnde één stem.


Ik ben I. Noemt u mij Iemand. Ik ga op tijd naar bed, ik sta op tijd op – denkt u aan licht en temperatuur. 
Ik ben er om u te ontvangen. Mijn bed te delen met uw brieven. In mijn huis, dat nooit onderdak zal bieden – ik beloof het u – aan welke snijbloem, plukbloem of knipbloem dan ook.


Ik ben J. Noemt u mij Jachtig. Ik ben er om u te steunen.
Een dramageladen veld is mijn habitat. Ik krioel er met alles wat er krioelt. Ik waag het niet dit alles te benoemen.
Wat leeft geeft. Wat leeft neemt. Wat leeft schittert schitterend, als een modderplas in de ondergaande zon.


Ik ben K. Noemt u mij Kaal. Ik ben er om u te waarschuwen.
Kaal de taal van de laatste scene, als de gemoederen bedaard zijn, er rekenschap afgelegd is, winst en verlies hun gewicht verloren hebben en inwisselbaar zijn gebleken.
O de merrie die zich in haar eentje een kudde weet. O de hengst die zich in zijn eentje een kudde weet. O de veulens die geboren worden met op hun rug de druk van het zadel.


Ik ben L. Noemt u mij Lood. Ik ben er om uw schaduw te signeren.
De roompotjes staan te pruttelen op een laag pitje. De zinnenprikkelende geuren van de wilde kruiden die door het geopende venster naar binnen drijven botsen op en dan vermengen zich met de eeuwige geuren die deze plek kenmerken.
Zoals menige eigentijdse gebeurtenis botst op en dan zich vermengt met de eeuwige gebeurtenissen die zich in gang zetten lang voordat de elementen menselijke taal of teken kregen. Of werden ze in gang gezet?
Laat ons meedeinen op de zoete muziek van de vragen die hun geheimen nooit aan iemand zullen onthullen.


Ik ben M. Noemt u mij Meridiaan. Of noemt u mij Mestkever. Ik ben er om van oranje geel te maken en van geel rood.
In de wereld waar de kever soeverein is zijn u en ik anonieme natuurverschijnselen.
Hevig transpirerend, filterloze sigaret, voor de parkieten een bamboe kooi. Het geluid van de golfslag soms wel soms niet waar te nemen. De zilte hitte. Het geluid van de hoefslag soms wel soms niet waar te nemen.
In de wereld waar de varen soeverein is zijn u en ik anonieme natuurverschijnselen.


Ik ben N. Noemt u mij Nevel. Ik ben er om met u te spelen.
Ziet u mij als zo'n lichte nevel die in de aarde rust en opstaat wanneer zij gekust wordt door de zon.
Wegen doe ik weinig en u kunt in alle richtingen door mij heen bewegen zonder mij te beschadigen.
Ik nodig u uit om in alle richtingen door mij heen te bewegen. Ik nodig u uit om op een dag als alle andere samen met mij te gaan nevelzwemmen op een lokatie van uw keuze.


Ik ben O. Noemt u mij Opaal. Ik ben er om u tot uw recht te laten komen.
Het opzwepende ritme laat geen plaats voor woorden. Het opzwepende ritme nodigt u uit uw mond te openen en rauwe klanken te laten ontsnappen. Elkaar afwisselend en elkaar overlappend klinkt de lach, de kreun, de krijs, de klacht, de jubel. Lichaamsdelen veranderen spontaan van kleur. Alle stenen die door uw trappelende voeten aangeraakt worden veranderen spontaan in opalen.
Als ik u nu een advies mag geven dan raad ik u aan de komende 24 uur niet één keer te bukken.


Ik ben P. Als u mij in een publieke setting spreekt noemt u mij dan Paradijs. Spreken wij privé met elkaar noemt u mij dan Parfum.
Ik ben er om u door de tuin te leiden – het aangename te versterken door het u indirect aan te bieden en het onaangename af te zwakken door het u direct aan te bieden.
Ik ben er om de lololo's te isoleren, voor u in te pakken en te versturen naar uw toekomstige adres.
Ik ben er om zonder aarzeling de leegte in te gaan met uitgestrekte armen en een uitgerust hart, zodat ik u zodra u terug bent kan onthalen op een bergamot behandeling.


Ik ben Q. Noemt u mij Quatrijn. Ik ben er om u te besprenkelen.
Uit de hulpmiddelen die ontworpen zijn vanuit de overtuiging mentale communicatie te vergemakkelijken (of zelfs mogelijk te maken) wordt duidelijk wat de visie is van de ontwerpers, de fabrikanten en de afnemers van deze hulpmiddelen – met betrekking tot communicatie in het algemeen en mentale communicatie in het bijzonder. Mijn visie is dat deze hulpmiddelen van menigeen een hulpbehoevende heeft gemaakt.
Uit de hulpmiddelen die ontworpen zijn vanuit de overtuiging fysieke communicatie te vergemakkelijken (of zelfs mogelijk te maken) idem – met betrekking tot communicatie in het algemeen en fysieke communicatie in het bijzonder. En mijn visie aangaande deze hulpmiddelen eveneens idem.


Ik ben R. Noemt u mij Radijs. Ik ben er om u op prijs te stellen.
Op de tafel in de schaduw aan de noordkant van het huis staat een glazen schaal gevuld met water. Op hete dagen komen de bijen er in grote getale op af om zich te verkoelen; hypnotiserende bewegingspatronen die, hoewel ze zich in stilte voltrekken, de atmosfeer vullen met muziek.
Zoals ik aan u denk als aan een planeet in een planetenstelsel (noem het sterrenbeeld) met een planetaire invloed op allen (levend of dood) in wiens universum het lot u heeft geplaatst, nodig ik u uit ook aan mij te denken als aan een planeet in een planetenstelsel (noem het sterrenbeeld) met een planetaire invloed op allen (levend of dood) in wiens universum het lot mij heeft geplaatst.


Ik ben S. Noemt u mij Sluis. Ik ben er om van zand glas te maken en van glas juwelen.
Aangekleed is het een maagd, uitgekleed is het een slet – het bloed zal vloeien, het bloed zal gedronken worden. Aangekleed is het een koning, uitgekleed is het een slaaf – het bloed zal vloeien, het bloed zal geofferd worden. Aangekleed is het een moeder, uitgekleed is het een heks – het bloed zal vloeien, het bloed zal verspild worden. Aangekleed is het een kampioen, uitgekleed is het een drenkeling – het bloed zal vloeien, het bloed zal stollen.
Plant u de gladiolen diep zodat ze goede kans krijgen met rechte stengels op te bloeien, hoe zwaar ook de bloem.


Ik ben T. Noemt u mij Temperament. Ik ben er om u te complimenteren.
Wanneer de reuzen zich te slapen leggen onder een baldakijn van regenbogen daalt de stilte diep. Ik bedoel natuurlijk de echte reuzen; de wezens die, waar ze zich ook ophouden, geen sporen achterlaten die te volgen zijn (tenzij u iemand bent die het centrum verlaten heeft en het centrum u, u iemand bent die één is met de winden, u iemand bent die één is met het komen en gaan van de zon en de maan). Het zijn mijn soort schatten – deze wezens die, waar ze zich ook ophouden, geen sporen achterlaten die te volgen zijn (tenzij u ... )
Zij maken zich nergens druk over. Wat kan het hen schelen dat en mass geproduceerde baldakijnen gretig aftrek vinden. Wat kan het hen schelen dat en mass geproduceerde relikwieën devotie opwekken. Wat kan het hen schelen dat er schoonheid gezien wordt in en mass geproduceerde iconen.
U bent mijn vriend. Geen enkele vraag en geen enkel antwoord zal ooit een wig kunnen drijven tussen mij en mijn loyaliteit aan u.


Ik ben U. Als u mij in een publieke setting spreekt, noemt u mij dan Universeel. Spreken wij privé met elkaar, noemt u mij dan Ukelele. Ik ben er om uw wensen aan te horen.
Als eenhoorn ben ik een mislukking; ik heb er drie – en niet één ervan is gedraaid. Bovendien ben ik in staat mijn staart als vijfde been in te zetten, wanneer ik in volle galop de berg op draaf tot aan de top. Hijgend lachend zijg ik neer – uitbundige vreugde, bedachtzame inkeer – stijg ik op en groet u.


Ik ben V. Noemt u mij Vochtig. Ik ben er om u te bedanken.
Een lege ruimte met een stenen blok. 
Op het blok een schaal gevuld met zand. Gestoken in het zand negen brandende wierookstokjes, ieder een verschillende geur. Zeven verschillende samenstellingen, één voor iedere dag van de week. De enige die de samenstelling kent ben ik – (en nee, geen enkel internetlijstje dat mij onder ogen is gekomen is juist). De brandduur van de stokjes is circa negentig minuten. 
Om het blok een kring van negen futons. De afstand tussen de voeteneinden en het blok bedraagt één meter.
De nummers van het tijdstip waarop uw betaling op mijn rekening wordt bijgeschreven zijn bepalend voor de dag van uw bezoek. (U krijgt hierover bericht, tevens bevestiging van uw reservering.) Het tijdstip waarop u zich bij het geurportaal meldt bepaalt welke mat voor de duur van de sessie de uwe is.
Ik wens u een geslaagde passage.


Ik ben W. Noemt u mij Weegschaal. Als Weegschaal u niet aanstaat, vervangt u het gerust – bijvoorbeeld door Weiland of door Wierook.
Rust in de zwevende ribben, dobberend op het ebben en vloeden van mijn ademhaling.
Om van onrust naar rust te komen kan men leunen op verschillende bestaande disciplines. Wanneer rust verworven is, kan deze enkel gecontinueerd worden op eigen kracht. En wel de kracht die vrijkomt, indien de verhouding met het eigen lot puur is. Als de begrippen onrust en rust u niet aanstaan, vervangt u deze gerust – bijvoorbeeld door honger en gevoed of door leeg en vol.
Er zijn compensaties, er is het gemis. Dat het anders is dan het is, kan ik mij niet voorstellen.


Ik ben X. Noemt u mij Xenon. Ik ben er om voor u te zingen.
In de winter aan de boom geen bladeren.
Ik ken een naam die is als een vlam waaraan ik mij warm, als een vlam die groter wordt wanneer ik zing, deze naam zing. En zing en zing tot ik gloei.
In de kers een pit. In de pit een boom.


Ik ben IJ. Noemt u mij IJl. Ik ben er om u te verstaan.
Binnen de gegeven parameters. Binnen de verworven parameters. Binnen de bestemde parameters.
De stof die wisselt in de stof die wisselt. De conditie die wisselt in de conditie die wisselt. Al gelang het gegeven instrument. En het onderhoud hiervan.


Ik ben Z. Noemt u mij Zoet. 
Ik ben er om van koren kaf te maken en van kaf koren.
Ik ben er om van even nummers oneven nummers te maken en van oneven nummers even nummers.
Ik ben er om van klinkers medeklinkers te maken en van medeklinkers klinkers.
Ik ben er om van u mij te maken en van mij u.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten